Markttotalitarisme

Vanavond was er bij Nieuwsuur een reportage te zien over de dreigende privatisering van ons drinkwater. De Europese Commissie werkt aan een voorstel om de drinkwatervoorziening, die we in Nederland publiekregelen, toegankelijk te maken voor de markt, te privatiseren. Het voorstel past feilloos in het denken dat deze tijden zo kenmerkt; alles moet ondergeschikt worden gemaakt aan de markt. Zelfs zoiets als een eerste levensbehoefte.

 De Economisering van Alles

De afgelopen dertig, vijfendertig jaar, zijn publieke diensten in rap tempo geprivatiseerd en geliberaliseerd. De post, telefonie, het openbaar vervoer, ons energienetwerk en zo kan ik nog even doorgaan; in relatief korte tijd zijn diensten die we lange tijd gezamenlijk, publiek organiseerden in private handen gekomen. De belofte dat het efficiënter en vooral goedkoper zou worden, bleek een mythe; het werd vooral duurder en de problemen stapelen zich op. De beloofde heilzame werking van de markt in wat ooit van ons allen was bleek een keiharde neoliberale leugen.

Maar dat is niet alles. Niet alleen publieke diensten zijn vermarkt; in feite is alles, en daarmee bedoel ik de gehele samenleving, onder invloed gekomen van verregaand marktdenken. Commercieel denken heeft alles overgenomen. Ik zou het de Economisering van Alles willen noemen; onderlinge relaties, de manier waarop we met elkaar omgaan, onze identiteit, zijn sterk beïnvloed geraakt door de wetten van de markt. Zoals Paul Verhaeghe in zijn zeer lezenswaardige boek Identiteit laat zien, is ons Ik-zijn steeds meer vermarkt en gecommercialiseerd. We zijn een Homo Economicus geworden. De neoliberale waarden van egoïsme en zelfverrijking (ten koste van anderen) hebben de intrinsieke menselijke waarden als solidariteit en gemeenschapszin, zoals bioloog Frans de Waal laat zien, overgenomen. De markt heeft ons vervreemd van onszelf en elkaar.

In zijn boek Niet alles is te koop laat Michael Sandel zien dat commercialisme zich meester heeft gemaakt over steeds meer dingen. Geld en prikkels (nog zo’n tijdgebonden iets, het woord prikkels kwam nooit voor in de werken van de klassieke economen als Adam Smith maar is pas sinds de jaren tachtig en negentig een belangrijke rol gaan spelen in ons economisch en moreel denken) en het daarbij horende marktdenken hebben niet-economische waarden verdrongen op bijna elk levensgebied (Sandel geeft tal van voorbeelden, van geld voor sterilisaties, betalen voor fastlanes en wedden op de dood van anderen) en ingeruild voor marktwaarden.

De wetten en waarden van de markt lijken dus alles overgenomen te hebben. Ons onderwijs moet concurrender, zorg moet winstgerichter worden, kunst moet commerciëler. Het Bildungs-ideaal dat een hoeksteen zou moeten zijn van het onderwijs, heeft plaatsgemaakt voor competentiegericht onderwijs dat niet opleidt tot kritische burgers, maar de eenheidsworst van de consumerende, economische burger. Groot was mijn verbazing toen ik vorig jaar op de School voor Journalistiek, ik studeerde daar toen, hoorde dat we toch allereerst als journalist ‘commercieel moesten denken’. Niets kritische houding, de wetten van de markt en het geld verdienen waren belangrijker.

 Wantrouwen, vervreemding en de maatschappij van de markt

Wantrouwen als gevolg van de race die we allemaal moeten rennen om de beste, de snelste, de rijkste te zijn (natuurlijk worden we dat niet, in het neoliberale systeem zijn er maar een paar winnaars, wij zijn allemaal losers), laat een leegte achter. Ik hoor regelmatig dat mensen ‘iets’ missen, – is het misschien gemeenschapszin die bij een samenleving hoort, maar door het verregaande marktdenken onder druk is komen te staan en uiteindelijk is vervangen door een ieder-voor-zich-denken dat zijn weerga niet kent? De maatschappij is geen plek van mensen, maar een wedstrijd tussen individuen geworden.

De privatisering van drinkwater, de eerste levensbehoefte van een mens, pas prima in het tijdperk waarin de markt verheven is boven alles. Politiek, samenleving, mens; alles is onderhevig aan de wetten van de markt. Het holt de gemeenschapszin en solidariteit uit, de onderlinge relaties verruwen en we voelen ons vervreemd van wat ooit een maatschappij van mensen was, maar nu vooral een markt-maatschappij. Het vermarkten van onze eerste levensbehoefte is geen exces van dat marktdenken, het past prima in dat ideologisch kader. De kritiek en ophef die er nu ontstaat biedt hoop. Misschien dat de vermarkting van onze eerste levensbehoefte een wake-up call is en ons laat beseffen dat er zoveel meer is dan geld, consumentisme, marktkapitalisme. Dat zou hoog tijd worden.

Advertenties

2 gedachtes over “Markttotalitarisme

  1. We hebben gemeenschapsdenken verruild voor denken in puur economisch denken. In plaats van dat we een gemeenschap zijn mèt een economie, zìjn we een economie. Deze perversie moeten we terugdraaien. Met elkaar, van onderop.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s